Club

Maak kennis met Christ en Lander: “Selectie voor nationale ploeg was mooie beloning”

Christ Souanga en Lander Gijsbers, respectievelijk verdediger en doelman van de U16 van OH Leuven, kwamen begin februari in Spanje in actie bij de U16 van de Rode Duivels. Een geweldige ervaring. We legden onze jongens enkele vragen voor.

Hoe worden jullie op de hoogte gebracht van de selectie voor de nationale ploeg?
Lander: “Je krijgt eerst een sms met de boodschap dat je geselecteerd bent voor de nationale ploeg en dat je jouw mail moet checken. Die mail bevat naast alle info ook documenten die je nodig hebt voor school zodat ze niet denken dat je aan het spijbelen bent.”
Christ: “Bij mij was het mijn vader die de mail kreeg. Ik was uiteraard heel blij dat ik geselecteerd was en mee mocht gaan met de nationale ploeg.”

Was het de eerste keer dat jullie een selectie in de bus kregen?
Christ: “Voor mij wel. Er stonden twee wedstrijden tegen Rusland op het programma. In de eerste wedstrijd kwamen we niet in actie. In de tweede wedstrijd mocht ik 80 minuten spelen.”
Lander: “Voor mij was het de tweede keer. Ik mocht ook al eens mee naar Parijs. Ik zat er tegen Frankrijk op de bank, speelde een hele wedstrijd tegen Engeland en een halve wedstrijd tegen Italië. In Spanje mocht ik een hele wedstrijd tegen Rusland spelen.”

Hoe blikken jullie terug op die ervaringen?
Lander: “Het was echt leuk. De groep bij de nationale ploeg is heel tof en de sfeer is goed. Het is niet zo dat je er jongens hebt die arrogant doen. Elke training wordt aan honderd procent afgewerkt. Bij elke vorm geeft iedereen zich volledig en het is ook plezant. Je leert er veel bij.”
Christ: “Ik vond het ook zeer leuk, maar kreeg wel wat slechter nieuws. Ik kon twee trainingen meedoen en kreeg dan wat last. De dokter liet me weten dat ik vocht in mijn knie had. Gelukkig was het niet al te erg en kon ik toch die tweede wedstrijd spelen.”

Zaten jullie op dezelfde kamer?
Christ: “Ja klopt. Blijkbaar mochten ze dat op vorige stages niet zelf kiezen. Deze keer wel. Lander ken ik uiteraard heel goed, dus besloten we om samen op de kamer te zitten.”
Lander: “Op zulke momenten heb je veel aan elkaar. Voor mij was het de tweede keer, waardoor het sowieso al wat rustiger was. De eerste keer was er wel wat stress. Gelukkig kende ik er enkele jongens die vroeger bij OH Leuven speelden. Zij hielpen me integreren en de trainers spraken veel met me, waardoor de stress wegviel.”

Jullie zijn een tijdje weg. Moet je achteraf veel schooltaken inhalen?
Christ: “Alles is prima geregeld met school. Er is ook ruimte en tijd om te studeren.”
Lander: “Je krijgt taken die je tijdens die periode bij de nationale ploeg moet maken. Sommige spelers krijgen ook echt toetsen. Er is een leerkracht mee. Die krijgt de toetsen doorgestuurd en neemt die af. Zo mis je niet al te veel.”

Hoe is het om bij de beste van België te behoren?
Lander: “Ik vind dat wel heel cool. Het is een mooie erkenning en geeft aan dat je goed bezig bent. Het belangrijkste blijft jouw prestaties en progressie bij de club. Daar moeten we stappen blijven zetten. De nationale ploeg is dan een beloning voor dat werk.”
Christ: “Ik volg Lander daar helemaal in. Het is nice om erbij te mogen horen. Je voelt dan echt dat je dit seizoen al iets laten zien hebt. Het is altijd leuk om met spelers te trainen en te spelen waar je in het seizoen tegen hebt gespeeld. Zo kan je zien hoe zij zich gedragen en met hun werkpunten aan de slag gaan.”
Lander: “Je wilt niet terug bij de nationale ploeg komen nadat je van hen verloren hebt. Die wedstrijden tegen hen zijn dan nog net iets specialer.”

OH Leuven is duidelijk stappen aan het maken. Hoe voelen jullie dat aan?
Christ: “Dat klopt zeker. Ik ben al vier seizoenen in Leuven. Door veel specifieke trainingen op alle vlakken boekte ik veel vooruitgang. Ik neem veel meer risico’s, durf te infiltreren en mijn spelinzicht verbeterde. Dat leverde volgens mij die selectie op.”
Lander: “Ik ben aan mijn zesde seizoen bij OH Leuven bezig. Het feit dat er nieuwe trainers met nog meer ervaring bijkwamen, heeft zeker een positieve invloed gehad. Ze helpen ons heel hard en zorgen ervoor dat je echt beter wordt. Ik voel dat ik meer progressie aan maken ben. Voor doelmannen is er ook veel veranderd. Trainer Poll Peters heeft heel veel voor ons gedaan. Dikke pluim voor hem.”

Als laatste vraag: Naar wie kijken jullie op binnen de club?
Lander: “Vincent Sels, de doelman van de U21. Ik train vaak met hem en bij een mindere dag duwt hij me op een positieve manier vooruit. Zijn voetenwerk is echt goed. Toen ik met de eerste ploeg mocht meetrainen, was hij er ook. Hij kalmeerde me en nam me goed mee. Top.”
Christ: “Bij mij is het Henri Stanic, speler van de U21. Ik heb met hem al een wedstrijd gespeeld en hij hielp me bij alles. Hij bleef me aanmoedigen. Dat vind ik wel heel leuk. Hij toont heel veel respect en ik kan veel leren van zijn leiderschap.”

Koop je abonnement